• Activerend onderwijs

Uit onderzoek blijkt dat kennis en vaardigheden beter beklijven wanneer er een actief beroep gedaan wordt op het werkgeheugen. Activerende werkvormen stimuleren ‘deep learning’ en begrip. Ze helpen de studenten te betrekken bij het onderwijs en stimuleren hen om mee te denken.

Op deze pagina vind je allerlei tips om het onderwijs zo activerend mogelijk in te richten.

Belangrijk

In alle gevallen is essentieel:
Varieer de wijze van input voor de studenten. Laat hen actief hun kennis creëren en verwerken, i.p.v. deze passief te consumeren. Zorg dat studenten zich persoonlijk kunnen verhouden tot het onderwerp, begrijpen waarom het onderwerp relevant voor hen is en dat ze het direct kunnen toepassen op hun eigen situatie.

Activerend onderwijs tijdens de les

  • Wek aan het begin van de sessie de interesse en nieuwsgierigheid van de student op over dit onderwerp (bijv. start met een controversiële uitspraak, een real-world toepassing, of je eerste kennismaking met dit onderwerp).
  • Activeer en verzamel de voorkennis van de student.
  • Maak gebruik van activerende werkvormen, bijv. think-pair-share (laat de studenten (zelf) over iets nadenken, laat ze in een 2-tal bespreken wat ze bedacht hebben, laat het daarna in een grotere groep delen).
  • Besteed aandacht in de les aan regulatieve/ metacognitieve vaardigheden. Door modelling zou je als docent kunnen aangeven wat jouw taakaanpak zou zijn.
  • Maak gebruik van individuele en groepsopdrachten en licht opdrachten vooraf in de les toe, zodat studenten deze goed begrijpen, voordat zij deze uitwerken. Geef daarbij expliciete instructie en de verwachtingen van de uitwerking van opdrachten.
  • Verander elke 4-6 min de input, jij bent als docent niet de entertainer. Stel bijv. vragen aan studenten, laat hen iets voorbereiden, maak gebruik van gastsprekers of filmpjes.
  • Organiseer in elke lesruimte en gelegenheid voor studenten om contact te maken, om vragen te stellen, om ideeën te opperen. Duurt een (online) les bijv. 50 minuten, stel dan 10 minuten daarvan beschikbaar voor het ‘echte’ contact.
  • Maak gebruik van chunking
  • Besteed tijd aan het bespreken van de uitwerking van een te maken opdracht, zodat er een verbinding tussen de leeractiviteiten ontstaat en sluit een (online) bijeenkomst af met een korte terugkoppeling en vooruitblik naar het volgende (werk)college/consultancy.
  • Wissel de informatie en kennisoverdracht in bijeenkomsten af met vragen, korte discussies/gesprekken, die studenten in groepjes van 3 of 4 kunnen uitvoeren (online in break-out rooms), waaruit blijkt of iedereen de uitleg goed begrepen heeft en stuur bij als dit niet het geval is.
  • Varieer veel
  • Stel veel vragen, quizzes, korte interviews, etc.
  • Ondersteun het conceptuele denken door studenten vaak vragen te stellen die studenten uitdagen: kennis op te zoeken en hun eigen kennis te onderzoeken. Maak gebruik van technieken als vragen stellen en het organiseren van reflectie-activiteiten.
  • Bied gestructureerde begeleiding aan zowel individuele als groepen studenten en geef veel narratieve feedback gedurende het leerproces. Bespreek daarbij ook met de studenten hoe de voortgang is en weeg dit mee in de gestelde deadlines voor ingeleverd werk (tenzij het om tijdframes van tentamens gaat).
  • Volg de studenten bij wat ze doen (Zonder teveel werk op je hals te halen) + waardeer de inbreng/activiteit van de studenten die het wel doen
  • Zorg dat de meerwaarde voor studenten duidelijk is + sprake van Constructive alignment (samenhang) > Het werkt alleen als je in de les de stof ook een duidelijke plaats geeft (maar, herhalen werkt niet) > Het werkt alleen als de stof ook in de toetsing terugkomt (bijv. beroepsproduct).
  • Maak het a-synchrone onderwijs aantrekkelijk
    • Maak duidelijk: Waarom (deze opdracht) – Hoe (moet ik het aanpakken) – Wat (wordt er van me verwacht)
    • Activerende opdrachten (kijkersvragen, verwerkingsopdrachten, quizvragen, etc. Zie hieronder voor voorbeelden)
    • Duidelijke structuur in leeromgeving + behapbare opdrachten + uitleg tijdens de bijeenkomsten + makkelijk vindbaar
    • bied keuzes aan (in werkvorm, tool, inhoud)
  • Bied waar mogelijk keuzemogelijkheden in leeractiviteiten en opdrachten, zodat kan worden aangesloten op eigen interesse en behoefte.
  • Ontwerp samenwerkingsactiviteiten zoals probleemoplossende opdrachten, kleine groepsdiscussies. En besteed aandacht aan het duiden naar studenten van het belang van samenwerkingsactiviteiten, zodat ze de perspectieven van medestudenten als waardevolle input beschouwen.
  • Ontwikkel door studenten geleide discussiegroepen, eis dat studenten reageren op discussiebijdragen door bijvoorbeeld studenten bij naam te vragen om te reageren, moedig het innemen van verschillende standpunten in discussies aan.
  • Ondersteun het conceptuele denken door studenten vaak vragen te stellen die studenten uitdagen: kennis op te zoeken en hun eigen kennis te onderzoeken. Maak gebruik van technieken als vragen stellen en het organiseren van reflectie-activiteiten.
  • Integreer quizzen, polls, online vragen, whiteboards en ‘toetsvormen’, zowel in je les als online, om meedenken te stimuleren. Of eindig je les met dezelfde vragen als waarmee je de les begint, zo krijgen studenten direct feedback dat ze iets nieuws geleerd hebben.
  • Zorg dat studenten tijdens het onderwijs voldoende kunnen oefenen met de toetsvorm(en). Dit kan door voorbeeldvragen te geven, of studenten zelf vragen te laten maken en/of elkaar daar feedback op geven. Door een oefenopgave te maken als student kun je nagaan je of de student de leerstof voldoende begrepen hebt.
  • Organiseer een online vragenuur/Q&A, waarbij zowel studenten als docenten elkaar van input kunnen voorzien.
  • Maak gebruik van de verschillende tools om studenten te betrekken
  • Neem voorbereidende opdrachten op die studenten mentaal voorbereiden op het nieuwe college en laat ze toepassen en gebruiken wat ze eerder hebben geleerd.
  • Maak gebruik van video-audiolezingen en/of kennisclips zodat studenten zich op eigen temp kunnen voorbereiden op de interactie met de docent en medestudenten in fysieke bijeenkomsten.
  • Maak gebruik van individuele en groepsopdrachten
  • Gebruik leeractiviteiten waarbij je met (digitale) tools goed verbinding met de student kunt maken passend bij de oefening of opdracht.

Hoe zorg je ervoor dat studenten hun voorbereidend werk doen?

Een van de meest gehoorde klachten uit het hoger onderwijs is dat studenten onvoorbereid naar hun colleges komen, ondanks dat je ze wijst op het belang en de noodzaak van het thuis maken van de opdrachten. De meeste studenten doen weinig tot niets, de goede daargelaten.

Voordat ik je een aantal tips geef die je kunnen helpen, vraag ik je eerst eens stil te staan bij de volgende vragen die bedoeld zijn om je iets meer en verder te laten nadenken over het fenomeen ‘onvoorbereide studenten’. Neem even de tijd en bedenk voor jezelf hoe jij met dit fenomeen omgaat.

Vijf reflectievragen

  1. Hoe reageer ik wanneer studenten niet voorbereid zijn? En weet ik ook wat de redenen daarvan zijn?
  2. Wat doe ik proactief om te voorkomen dat studenten onvoorbereid komen?
  3. Wat doe ik om studenten het belang van hun voorbereiding te laten inzien of te laten ervaren?
  4. Weet ik welke uitdagingen studenten tegenkomen bij hun voorbereiding en wat doe ik om studenten daarbij te ondersteunen?
  5. Wat doe ik om studenten te ondersteunen in hun rol als actieve participant in plaats van in hun rol van passieve consument?

De antwoorden op deze vragen bepalen wat voor soort leeromgeving jij wilt neerzetten en met welke tip jij het meest gebaat bent. Benieuwd naar de tips? Open dan de download hieronder.

Hoe zorg je ervoor dat studenten inloggen en hun camera aanzetten?

  • Maak dingen laagdrempelig.
    Bijv. stel in de chat vragen over laatste Netflix wat ze gezien hebben. Iets over het nieuws. Iets met humor. Begin met een gesprek over een “ onzin” iets. (Hoe lang kun je het in December volhouden zonder Last Christmas te horen?) En ga langzaam richting het lesonderwerp. Wanneer er actief gecommuniceerd wordt, heb je de studenten.
  • Laat ze iets doen
    bijv. Zoek een Plaatje wat je in het weekend hebt gedaan – niks met Onderwijs, daarmee zet je ze in een actievere houding. Waardoor het makkelijker is om het volgende te gaan doen.
  • Maximaal 10 min luisteren, dan moet de student al actief zijn met iets dat betekenis heeft (escaperoom oplossen, vragen beantwoorden, een presentative geven, een opdracht uitvoeren, breakoutrooms)
  • Schakel over naar laagdrempelige opdrachten.
    Bijv: Vraag studenten iets te tonen voor de camera dat te maken heeft met het onderwerp van de les. Zoek een achtergrondafbeelding die de vorige les samenvat (voordeel: het argument: privacy van de werkomgeving vervalt direct).
  • Investeer in relatie, online je hoofd laten zien is echt anders dan fysiek aanwezig in een studieruimte
  • Houd in je achterhoofd dat tijdens fysieke lessen studenten ook vaak afgeleid of ‘afwezig’ zijn. Online valt dit veel meer op.
  • Kijk ook eens bij tips voor verhogen betrokkenheid/motivatie. En…kijk eens kritisch naar je onderwijs, is het volledig volgens constructive alignment? Is de urgentie helder? Heeft het werkelijk meerwaarde?
  • Geef het de studenten terug: bijv. Hoe kunnen we deze les interessanter maken dan de Masked Singer, dat moet lukken toch?
  • Gebruik tools, en stappenplannen, waarmee studenten weten wat ze moeten doen en hoe ze verder kunnen Bijv. padlet. padlet (of andere tool) Laat studenten ook alvast verder gaan, blokkeer nog niet alles, laat ze doorgaan.
  • Geef studenten inzicht met tools, of ze de stof begrijpen (zien dat anderen zich wel hebben voorbereid)
  • Kun je met kleinere groepen en een korte tijd wellicht meer bereiken, dan met een hele groep een lang college?
  • Stel een online etiquette op:
    Bespreek met elkaar: WHY? (waarom zijn afspraken fijn? Welke relevantie heeft het om bijv. een camera aan te hebben?) HOW? (hoe kunnen we dit werkbaar maken? Welke belemmeringen moeten worden opgelost? Hoe kunnen we zorgen voor een voor iedereen zo werkbaar mogelijke leeromgeving?). WHAT? (wat wordt er van me verwacht? Wat spreken we concreet af?)
  • Verplichten werkt meestal averechts.

Voorkennis activeren

Waarom? Door het activeren van voorkennis wordt nieuwe kennis gekoppeld aan bestaande kennis, waardoor de kennis beter onthouden zal worden (Van der Burg, Berben en Moonen, 2017). Dit blijkt ook uit de cognitivistische leertheorie, waar men er vanuit gaat dat kennis beter opgeslagen wordt in het langetermijngeheugen indien het actief gekoppeld wordt aan eerder geactiveerde voorkennis. Daarnaast wordt duidelijk of de studenten voldoende voorkennis hebben, hun voorkennis (on)gepast is, of mogelijk bestaat uit misconcepties. Hier kun je als docent op inspelen.

  • Wees alert op vaak voorkomende fouten/misconcepties
  • verzamel op verschillende manieren voorkennis
  • koppel informatie aan eerdere geziene leerinhouden
  • gebruik voorbeelden uit de actualiteit

Een aantal voorbeelden van werkvormen die je kunt gebruiken om voorkennis te activeren zijn de volgende:

  • Think – share – pair: geef een vraag/opdracht, student denkt individueel na, wisselt uit in 2-tal, evt. ook in 4-tal. Opvallende zaken ook plenair.
  • Interview: geef een thema/onderwerp (+evt. vragen) en laat studenten elkaar interviewen, incl. goed doorvragen. Deel bevindingen in4-tal en/of plenair.
  • Concept-mapping: vanuit begrippenlijst maken de studenten een overzicht, hoe verhouden de begrippen zich tot elkaar?
  • Wat hoort er niet bij? Rijtjes van 4 woorden, 1 woord hoort er niet bij, in 2-tallen bespreken welke en waarom.
  • Mixed-up piles: een rijtje met 8 woorden, welke in 2 (gegeven of ongegeven) categorieën verdeeld moeten worden.
  • Fact of fiction: in 2-tal of groepjes bedenken de studenten 4 beweringen over de lesstof. 3 zijn harde correcte feiten, de 4e een geloofwaardig fictief element. Overige studenten moeten de fictieve beweringen ontdekken.
  • Elevator pitch: een student geeft in max 60 sec een korte en bondige presentatie van de (voorgaande) les, als samenvatting. (al dan niet met voorbereiding).
  • Samenvatting 2.0: apps als Tellegami, Stripdesigner, om op speelse manier de stof van de vorige les te herhalen.
  • Stemmen: Met Padlet Backpack kun je foto’s, constructies, tekeningen, meningen laten beoordelen. Wat klopt wel/niet? Wat vind je ervan?
  • Filmpjes/video/vlog: gemaakt door docent of student, als samenvatting van de les. Conversatie, interview, demonstratie
  • Brainstorm: bedenk in 3 min zoveel mogelijk oplossingen voor…., of eigenschappen van een bepaald materiaal, of….dingen die veel energie kosten...

Hoe zorg je er voor dat studenten de voorbereidende activiteiten ook daadwerkelijk doen?

Creative Commons License

Gerelateerde documenten:

© ICTO bij FOO 2022